sluiten

Inloggen

Log hieronder in met uw gebruikersnaam en wachtwoord.

Deze ontvangt u van ons bij het afsluiten van een (proef)abonnement.

Nog geen inlog? meld u gratis aan


Vragen?
Kunt u niet inloggen of heeft u vragen over een (proef)abonnement?.
Neem dan contact op met BIM Media Klantenservice:

sluiten

Welkom bij Kennisbank ATEX

Om de uitgebreide informatie op de kennisbank te kunnen lezen heeft u een inlogcode nodig. Deze ontvangt u bij het afsluiten van een abonnement.

Waarom de ATEX kennisbank

  • Kennis van experts altijd beschikbaar
  • Antwoorden, oplossingen en tools
  • Toevoegen van eigen notities mogelijk
  • Praktijkcases, veelvuldig aangevuld
  • Handige formules en interactieve berekeningen
Neem nu een abonnement >

Abonnement vanaf € 255,- per jaar, ieder moment opzegbaar. Meer over een abonnement op ATEX

“ De ATEX boeken hielpen me al goed op weg, maar met de Kennisbank ATEX zijn antwoorden, oplossingen en tools altijd en overal beschikbaar ”
 

H. Vlottes, directeur Vlottes Electromechaniek
Installatie Service Bureau

Inloggen voor abonnees


Vragen?
Kunt u niet inloggen of heeft u vragen over een abonnement?
Neem dan contact op met Vakmedianet Klantenservice: ​088 58 40 888

Of stuur een e-mail naar: klantenservice@vakmedianet.nl

Wat zijn brandbare stoffen?

Het nagaan van de indelingsplicht is de eerste stap op weg naar een gevarenzone-indeling. Binnen het bedrijf moet worden geïnventariseerd waar welke brandbare stoffen voorkomen en in welke hoeveelheden.

 

Dit moet vanzelfsprekend heel nauwkeurig gebeuren. Indien een inventarisatie wordt gemaakt van de aanwezige brandbare vloeistoffen, kunnen gelijktijdig de fysische gegevens worden opgenomen. Deze gegevens zijn belangrijk in het vervolgtraject, bij het opstellen van de gevarenzone-indeling. Denk aan:

  • de naam van de stof;
  • de soortelijke massa van de stof;
  • de aanwezige hoeveelheid van de stof;
  • de plaats waar deze stof voorkomt;
  • het vlampunt van de stof;
  • de onderste explosiegrens van de stof;
  • de bovenste explosiegrens van de stof;
  • de dampdichtheid van de stof;
  • de zelfontstekingstemperatuur van de stof;
  • de ontstekingsenergie van de stof.

 

 

Voor de inventarisatie van de fysische eigenschappen van de toegepaste stoffen kan gebruik worden gemaakt van:

  • het Chemiekaartenboek, uitgegeven door Sdu Uitgevers in samenwerking met TNO Nederland;
  • een scala aan websites over de betreffende grondstoffen.

 


De aanwezigheid van een brandbare stof op een werkplek of bij een productieproces laat op zich nog geen explosieve atmosfeer ontstaan. Hiervoor zal de brandbare stof zich ook fijn moeten verdelen in de lucht; de zogeheten dispersiegraad. Daarbij moet de verhouding tussen de brandbare stof en de lucht zich tussen de explosiegrenzen bevinden.

Stappenplan voor het nagaan van de indelingsplicht

Kenmerken van brandbare stoffen

Wanneer het ontstaan van een explosieve atmosfeer mogelijk is, moet worden vastgesteld waar deze zich op de werkplek en/of in de installatie voordoet. Zo is het gevaar te beperken. Hierbij dient weer rekening te worden gehouden met de eigenschappen van de stoffen en de specifieke omstandigheden van de installaties, procestechniek en omgeving.

Gassen en dampen
In de eerste plaats is de dichtheidsverhouding in relatie tot lucht van belang. Immers, hoe zwaarder de gassen en dampen zijn, des te sneller vallen ze naar beneden. Daarbij vermengen ze zich geleidelijk met de aanwezige lucht en belanden ze in putten, kanalen en schachten. De dichtheid van gassen is in het algemeen groter dan die van lucht, zoals propaan.

 

Sommige gassen hebben ongeveer dezelfde dichtheid als lucht, zoals:

  • acetyleen,
  • cyaanwaterstof,
  • ethyleen,
  • koolmonoxide.

 

Ze hebben van nature nauwelijks de neiging zich te verspreiden of neer te slaan. Enkele gassen zijn veel lichter dan lucht, bijvoorbeeld waterstof en methaan.Deze gassen hebben van nature de neiging zich in de atmosfeer te verspreiden, tenzij ze worden ingesloten.


In de tweede plaats spelen luchtbewegingen een rol. Zelfs geringe luchtbewegingen kunnen namelijk de vermenging met lucht al aanzienlijk versnellen. Denk aan natuurlijke tocht, rondlopende personen en thermische convectie. Op onderstaande afbeelding is een afblaasopening te zien. Van belang is te weten welke stoffen worden afgeblazen.

Afblaasopening

Afblaasopening. Bron: www.dreamstime.com.


Vloeistoffen en nevels
Bij vloeistoffen en nevels is het verdampingsgetal van belang, omdat bij een bepaalde temperatuur de zich vormende hoeveelheid explosieve atmosfeer hierdoor wordt bepaald. De hoeveelheid explosieve atmosfeer die wordt gevormd, is afhankelijk van:

  • de grootte van het verdampingsoppervlak en verwerkingstemperatuur, zoals bij het verstuiven of versproeien van vloeistoffen;
  • de overdruk waardoor de verstoven vloeistoffen in de omgeving vrijkomen en explosieve nevels vormen.


Stof
Bij stof zijn de volgende zaken van belang:

  • de aanwezigheid van opstuivend stof, bijvoorbeeld in filters, bij het transport naar houders, bij overdrachtspunten of binnen in drogers;
  • stofafzetting, bij voorkeur op horizontale of flauw hellende vlakken en bij het opstuiven van stof, de omvang van de korrels.


Overige omstandigheden
Er dient bovendien rekening te worden gehouden met andere plaatselijke en bedrijfsomstandigheden, zoals:

  • hoe wordt omgegaan met de stoffen die gas-, vloeistof- of stofdicht zijn opgesloten of in open apparatuur aanwezig zijn, bijvoorbeeld vullen of legen;
  • de mogelijkheid dat stoffen ontsnappen bij kleppen, schuiven, pijpleidingverbindingen, enzovoort;
  • de beluchtings- en ontluchtingsomstandigheden en overige omstandigheden in de desbetreffende ruimte.


Met de aanwezigheid van brandbare stoffen of mengsels dient vooral rekening te worden gehouden op plaatsen waar geen ventilatie mogelijk is. Denk aan onbeluchte ondergrondse plaatsen zoals putten, kanalen en schachten. De inventarisatie van explosiegevaar dient voor ieder arbeids- en/of productieproces alsmede voor iedere ingebruikname van een installatie en wijzigingen daarvan te worden uitgevoerd.

Indeling van materieel in temperatuurgroepen

Bij de keuze van elektrisch materieel moet rekening worden gehouden met de maximale oppervlaktetemperatuur. Het elektrische materieel moet een lagere oppervlaktetemperatuur hebben dan de ontstekingstemperatuur van de aanwezige gassen of dampen. Indien in een zone meerdere brandbare gassen of dampen voorkomen, dan is voor die zone het gas of de damp met de laagste ontstekingstemperatuur bepalend. Het elektrische materieel wordt in onderstaande tabel ingedeeld in temperatuurgroepen.

 

Temperatuurgroep

van materieel

Maximaal toelaatbare

oppervlaktetemperatuur

°C

T1

450

T2

300

T3

200

T4

135

T5

100

T6

85

Indeling in temperatuurgroepen.

Indeling van materieel in materieelgroepen

Voor het elektrische materieel met een drukvast omhulsel worden de gassen en dampen ingedeeld volgens de experimenteel bepaalde grootste veilige spleetwijdte in beproevingsvaten met spleetlengten van 25 mm, de grensspleetwijdte. De afkorting daarvan is MESG, maximum experimental safe gap. De genormaliseerde methode voor de bepaling van de MESG maakt gebruik van het vat beschreven in IEC-publicaties. Voor intrinsiek veilig elektrisch materieel worden gassen en dampen ingedeeld op grond van de verhouding van hun minimale ontstekingsstroom MIC, minimal ignition current, tot de ontstekingsstroom van methaan.


Materieel van groep II is met name voor de beschermingswijzen intrinsieke veiligheid en drukvaste omhulsels onderverdeeld in de materieelklassen A, B en C, conform de eigenschappen van de ontplofbare atmosfeer waarvoor het is bestemd. Klasse A stelt de lichtste eisen, klasse C de zwaarste eisen (zie onderstaande tabel).
 

Materiaalgroep van materieel

Maximaal toelaatbare

ontstekingsenergie

μJ

MESG

mm

MIC

IIA

200

> 0,9

0,8

IIB

60

0,5-0,9

0,45-0,8

IIC

20

< 0,5

< 0,45

Indeling in materieelgroepen.

Gerelateerd aan Wat zijn brandbare stoffen?

Praktisch

Gerelateerde Veelgestelde vragen